Kent u onze inbouwapparaten al?

Ontdek onze zuinige A++ combikoelkasten

Kent u onze inbouwapparaten al?

Ontdek onze huisselectie

Wasmachines

Vaak kunt u een storing zelf eenvoudig verhelpen en is een bezoek van een servicemonteur niet nodig.

Kan ik mijn wasmachine op een warmwater aansluiting aansluiten?

Technisch gezien is het mogelijk om water van maximaal 65 ?C toe te voeren via het inlaatventiel. Wastechnisch adviseren wij het liever niet omdat de wasprogramma's niet constant warm water gebruiken. Het toevoegen van heet water kan een slecht wasresultaat opleveren, bijvoorbeeld eiwit inwerking van vlekken waardoor een vlek nooit meer is te verwijderen.
Zowel de voorladers als de bovenladers zijn gemaakt om aangesloten te worden op een koudwater aansluiting. De wasprogramma's zijn dan ook zo afgesteld om hiermee een perfect wasresultaat te behalen bij een zo laag mogelijk energieverbruik.
Samengevat is het niet verstandig om een warmwateraansluiting op een voor- of
bovenlader te gebruiken.

De deur van de wasmachine gaat niet open.

Tijdens bepaalde programmaonderdelen blokkeert de deur automatisch. Wacht totdat het programma afgelopen is.

Controleer of het kinderslot is geactiveerd. Druk de Start- of Pauze-knop in en houdt deze 5 seconden vast om het kinderslot uit te schakelen. Werkt dit niet, raadpleeg dan voor het uitschakelen van het kinderslot van uw type wasmachine de gebruiksaanwijzing.

De wasmachine doet helemaal niets.

Controleer of er spanning op het stopcontact staat en of de stekker goed in het stopcontact zit.

Controleer of het kinderslot is geactiveerd. Druk de Start- of Pauze-knop in en houdt deze 5 seconden vast om het kinderslot uit te schakelen. Werkt dit niet, raadpleeg dan voor het uitschakelen van het kinderslot van uw type wasmachine de gebruiksaanwijzing.

Mogelijk hebt u gekozen voor een 'uitgestelde start'. Wacht dan tot de starttijd, of wijzig de instelling.

Misschien is het programma nog niet afgelopen. Is dit het geval, zal een nieuw programma niet starten. Afhankelijk van het type apparaat kunt u dit verhelpen door het apparaat te resetten. Meer informatie hierover vindt u in de gebruiksaanwijzing.

Controleer of het apparaat waterpas staat en of alle pootjes op de grond staan. Het apparaat dient op een stevige, vlakke ondergrond te worden geplaatst.

Mijn wasmachine neemt geen water.

Controleer of de waterkraan open staat en of er voldoende watercapaciteit is. Zo niet, draai dan de kraan (helemaal) open.

Op basis van de belading wordt de benodigde hoeveelheid water bepaald. Als er weinig water nodig is, bijv. bij een energiebesparend programma, bevindt het water zich onder een zichtbaar niveau.

Het zeefje/filter in de aanvoerslang kan geblokkeerd of vies zijn. Reinig het zeefje/filter als volgt:
- Sluit de waterkraan.
- Reinig het zeefje/filter met een kleine borstel.
- Hebt u een apparaat zonder AquaStop, verwijder dan ook de aanvoerslang op de aansluiting van de wasmachine.
- Verwijder het zeefje/filter met een pincet en reinig het.
- Maak de aanvoerslang weer vast en controleer of er geen water lekt.

Het apparaat trilt/schudt sterk of verplaatst zich.

Controleer of de transportbeugels aan de achterzijde van het apparaat zijn verwijderd. Is dit niet het geval, volg dan de instructies in de gebruiksaanwijzing.

Controleer of het apparaat waterpas staat en alle pootjes de grond raken. Het apparaat dient op een stevige, vlakke ondergrond te worden geplaatst.

Het kan zijn dat het wasgoed in de machine in onbalans is (bijv. een groot kledingstuk/beddengoed). Was grote en kleine kledingstukken samen en plaats nooit te weinig of juist te veel kledingstukken in de machine.

Kies het juiste programma voor de wasgoed die u wast.

Mijn wasmachine maakt een ratelend geluid.

Dit kan veroorzaakt worden door vreemde voorwerpen in de trommel, bijv. een spijker of een munt. Verwijder de voorwerpen. Laat het apparaat eerst leeg lopen, zoals omschreven in de gebruiksaanwijzing.

Wanneer u kledingstukken wast die metalen onderdelen bevatten (ritsen, knopen), maken deze een tikkend geluid als ze de binnenkant van de trommel raken. Dit is normaal.

Controleer of het apparaat waterpas staat en of alle pootjes op de grond staan. Het apparaat dient op een stevige, vlakke ondergrond te worden geplaatst.

Er stroomt water uit de voorkant van de wasmachine.

Controleer of de deur goed dicht zit en niet wordt geblokkeerd door kleding of andere voorwerpen.

Controleer of de rubberen manchet niet beschadigd is. Bij een nieuwe machine kan de manchet plooien bevatten. Draai de machine voordat u gaat wassen op hoge temperatuur om dit te verhelpen.

Draai alle schroeven aan de voorzijde van de machine goed vast.

De machine centrifugeert niet. Wat moet ik doen?

Controleer of u geen programma hebt gekozen zonder centrifugeercyclus.

Het kan zijn dat het wasgoed niet goed is verdeeld, waardoor een onbalans is ontstaan. Wanneer de machine dit detecteert, wordt geprobeerd de was opnieuw te verdelen. Wanneer dit niet lukt, wordt het centrifugeren overgeslagen. Was grote- en kleine, zware- en lichte kledingstukken samen om een onbalans te voorkomen.

Controleer of de afvoerslang verstopt of geknikt is en verhelp dit indien nodig als volgt:
 - Zet het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact.
 - Controleer de afvoerslang op knikken en verwijder deze.
 - Verwijder de slangklem van de sifon en verwijder voorzichtig de afvoerslang.
   (Let op: er kan nog heet water in de slang zitten!)
 - Reinig de afvoerslang en de sifon.
 - Hang de afvoerslang in een emmer en start het afvoerprogramma. Controleer of
   het water wordt afgevoerd
 - Bevestig de afvoerslang weer aan de sifon en controleer of er geen water lekt.
Controleer de afvoerpomp. Is deze geblokkeerd? Reinig de pomp als volgt:
 - Zet het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Open de klep naar
   de pomp en verwijder deze.
 - Laat het water weglopen (let op: er kan heet water zijn achtergebleven!) via de
   hulpafvoerslang (indien voorhanden) of door de deksel van de pomp langzaam te
   verwijderen.
 - Reinig de binnenzijde, de pomp en de pompbehuizing.
   (Het wiel van de afvoerpomp moet vrij kunnen draaien.)
 - Plaats de pompdeksel en schroef deze vast.
 - Giet 1 liter water in de wasmiddellade om te controleren of alles goed werkt.
 - Controleer op lekkages en start het afvoerprogramma.

Het water wordt niet volledig afgevoerd.

Controleer of het programma echt afgelopen is, of dat de afvoerslang verstopt of geknikt is en verhelp dit indien nodig als volgt:
- Zet het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact.
- Controleer of de afvoerslang geknikt of geblokkeerd is en verhelp dit indien nodig.
- Verwijder de slangklem van de sifon en verwijder voorzichtig de afvoerslang. (Let op: er kan nog
  heet water in de slang zitten!)
- Reinig de afvoerslang en de sifon.
- Hang de afvoerslang in een emmer en start het afvoerprogramma.
- Bevestig de afvoerslang weer aan de sifon en controleer of er geen water lekt.
Controleer de afvoerpomp. Is deze geblokkeerd? Reinig de pomp als volgt:
- Zet het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Open de klep naar de
  pomp en verwijder deze. Laat het water weglopen (let op: er kan heet water zijn achtergebleven!) via
  de hulpafvoerslang (indien voorhanden) of door de deksel van de pomp langzaam te verwijderen.
- Reinig de binnenzijde, de pomp en de pompbehuizing. (Het wiel van de afvoerpomp
  moet vrij kunnen draaien.)
- Plaats de pompdeksel en schroef deze vast.
- Giet 1 liter water in de wasmiddellade om te controleren of alles goed werkt.
- Controleer op lekkages en start het afvoerprogramma.

Waarom komt er een vreemde lucht uit mijn wasmachine?

Dit kan gebeuren wanneer u regelmatig op een lage temperatuur wast, of vaak het korte programma gebruikt. Wasmiddel- en vuilresten worden dan niet goed weggespoeld. U kunt dit verhelpen door een heet wasprogramma te draaien met een wasmachinereiniger. Bovendien adviseren wij u regelmatig een was op hoge temperatuur (90 of 95 ?C) te wassen.

Controleer of de wasmiddellade schoon is. Verwijder de lade af en toe uit de machine, reinig deze met heet water en reinig ook de behuizing in de wasmachine zeer zorgvuldig.

Controleer of de geur niet uit de riolering van uw huis komt. Vieze geuren als gevolg van verstopte afvoersystemen kunnen via de afvoerslang in uw machine komen.

Het gekozen programma start niet.

Controleer of u de Start-knop hebt ingedrukt.

Knippert het lampje 'Gereed'? Dan zit de deur eventueel niet goed dicht. Controleer of er geen wasgoed tussen de deur zit. Sluit de deur (hoorbaar klikgeluid) door deze stevig dicht te duwen.

Mogelijk hebt u gekozen voor een 'uitgestelde start'. Wacht dan tot de starttijd, of wijzig de instelling.

Mogelijk is het laatste programma nog niet afgelopen. Is dit het geval, zal een nieuw programma niet starten. Afhankelijk van het type apparaat kunt u dit verhelpen door het apparaat te resetten. Meer informatie hierover vindt u in de gebruiksaanwijzing.

Zorg ervoor dat de deur goed dicht zit.

Het wasresultaat valt tegen.

Misschien was de mate van vervuiling groter dan aangenomen. Kies een geschikter programma en eventueel een extra wasoptie zoals bijvoorbeeld voorspoelen of wastijd verlengen.

Misschien hebt u onvoldoende wasmiddel gebruikt. Gebruik de hoeveelheid wasmiddel die wordt aangeraden door de fabrikant.